zondag 26 januari 2014

... stoofpeertjes


Stoofpeertjes - je houdt er van, of niet.
Ik behoor tot de 'absoluut niet' categorie, maar helaas behoren de man-des-huizes èn alle kinderen tot de 'ja graag' categorie.
Tot nu toe had ik het maken ervan weten te ontlopen (met dank aan oma), maar toen ik de prijs van giesser wildemannen tot 0,99 de kilo zag dalen, vond ik het tijd het toch eens te leren.

Ik ging in de leer bij mijn moeder en maakte al doende snel wat aantekeningen:
Dat is een zeer gecondenseerde versie, maar moeilijk is het niet.

Oma's recept:
Schil de peren en snijd ze desgewenst in partjes.
Doe ze in een pan en voeg zoveel water toe dat ze net niet onderstaan.
Voeg aan het water toe:
- 2 á 3 eetlepels azijn;
- 2 theelepels suiker
- 1 theelepel kaneelsuiker *

* kaneelsuiker staat standaard in mijn kruidenkast. Gewoon een jampot gevuld met kristalsuiker met daar doorheen een flinke hoeveelheid kaneelpoeder. Blijft vrijwel onbeperkt goed.

Meer suiker kan wel, maar dan wordt het erg zoet.
Perenrood is niet nodig (kan wel, dan hoeft het minder lang te stoven).

Zet het gas hoog en breng de peertjes aan de kook
Deze peertjes hadden net wat meer water moeten hebben
Zodra ze koken gaat het gas op de laatste stand (sudderstand) en stoof je de peertjes in zo'n twee uur rood met de deksel schuin op de pan.
Let op: pas na een uurtje gaan de peren roodkleuren.
Bedruip af en toe de uitstekende stukken met wat vocht.

En voila: stoofpeertjes:
Het restvocht kun je als zo als sausje gebruiken of met wat aardappelmeel indikken (heb ik niet gedaan).

Andere recepten
Nu ik dit geleerd had, vroeg ik me af of dit de standaard methode was.
Ik eerst naar de Dikke Van Dam van Johannes van Dam.
Daar werd dit recept gegeven:
Het basisprincipe is inderdaad hetzelfde - suiker, zuur (de citroenschil) en kaneel.
Wat 'rommelkruid' is weet ik niet. Ik heb er nooit van gehoord.

Vervolgens pakte ik een boek uit de kast dat mij altijd helpt bij traditionele recepten.
Het is een oud kookboek waarin veel varianten staan en zelfs de prijs van recepten.
Helaas is er geen jaartal in afgedrukt.
In ieder geval heb ik nog regelmatig profijt van mevrouw Simonsz (hoewel ik de methode van het uren koken van kool toch echt niet volg).
Praktische dame, die mevrouw Simonsz: als het niet rood wil worden, dan kleur je ze gewoon.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen